jaarverslag 2006
Voorwoord
Bij de oprichting van Stichting Kezban in 2001 stond huiselijk en eergerelateerd
geweld nog nauwelijks op de politieke agenda. Het is pas de laatste jaren dat er
in de publiciteit aandacht aan besteed wordt. Zeven jaar geleden is een groepje
bezorgde vrouwen naar aanleiding van de moord op de moeder van twee kinderen in
1999 bij elkaar gekomen. Deze (allochtone) vrouwen vonden het toen belangrijk om
Turkse en Marokkaanse vrouwen een stem te geven en het taboe op huiselijk geweld
te doorbreken.
Inmiddels is duidelijk dat de doelgroep van ons beleid veel ruimer moeten zijn.
Ook jongens en mannen kunnen slachtoffer zijn.
In 2006 was het lustrum van Stichting Kezban, eigenlijk een triest lustrum.
Triest, omdat onze stichting nog steeds nodig is en dat voorlopig ook wel zal
blijven.
Ruim vier jaar geleden ging de film “Als ik haar was” in première. Toen was er
plotseling veel aandacht voor huiselijk geweld in Turkse en Marokkaanse
gezinnen. De film maakte heel wat los en de bestuurskleden van Stichting Kezban
werden soms letterlijk plat gebeld. Zij reisden het hele land af en zagen al
snel in dat dit niet vol te houden was. Maar tegelijkertijd bewees het succes
hoe hard dergelijk werk nodig is.
Door een subsidie van het Oranjefonds kon een aantal vrouwen worden opgeleid om
de voorlichtingsfilm “Als ik haar was” te begeleiden met mondelinge informatie.
Daardoor zijn uiteindelijk meer dan 1000 mensen bereikt. Heel 2006 en ook nog
een deel van 2007 heeft in het licht gestaan van dit voorlichtingsproject.
Bij het officiële einde van het voorlichtingsproject kon worden geconcludeerd
dat er veel is bereikt, dankzij de inzet van vrijwilligers, van giften van
betrokken mensen en de gulle gaven van onder andere de Directie Coördinatie
Integratie Minderheden van het Ministerie van Justitie en het Oranjefonds.
Maar er is nog veel te doen.
Er moeten meer doelgroepen worden bereikt; de methodieken moeten worden
uitgebreid; er moet meer nazorg worden geboden; en nog meer dan voorheen moet
aan slachtoffers van huiselijk geweld een stem worden gegeven. Alle slachtoffers
zijn hierbij belangrijk. Door hun verhalen kunnen andere slachtoffers worden
geïnspireerd om actie te nemen en niet in de slachtofferrol te blijven zitten.
In de periode na 2006, toen het omvangrijke voorlichtingsproject afgerond was,
heeft het bestuur van Stichting Kezban met veel energie gewerkt aan een nieuw
project. Eind 2007 kwam daarvoor de subsidietoekenning en kon worden gestart met
de uitvoering van de geplande werkzaamheden.
Kortom, er is veel werk gedaan in het verslagjaar 2006, maar er is ook nog veel
werk te verzetten. De bestuursleden van Stichting Kezban zijn daar enthousiast
mee bezig in de wetenschap dat ze dat doen voor al die slachtoffers van
relationeel en eergerelateerd geweld die geen stem hebben.
Latifa Lazaar
Voorzitter Stichting Kezban
Januari 2008
bestuursverslag
Oprichting
Het huwelijk van de jonge Turkse vrouw Kezban Vural wordt gekenmerkt door
ernstige mishandelingen. Ook na de scheiding blijft haar ex-man haar lastig
vallen, achtervolgen en bedreigen. Op 22 juni 1999 wordt Kezban in Zwijndrecht
voor de ogen van haar kinderen door haar ex-man doodgeschoten.
Deze gebeurtenis was voor een aantal vrouwen de aanleiding om in januari 2001 de
Stichting Kezban in het leven te roepen onder het motto: “DIT NOOIT MEER”.
Stichting Kezban heeft haar statutaire zetel in Diemen. Stichting Kezban is
bereikbaar
via postbus 198, 5000 AD Tilburg
telefonisch via tel.nr. 06 125 07 996
per mail via info@st-kezban.nl
Doelstelling
De doelstelling van Stichting Kezban is kortweg het voorkomen en bestrijden van
relationeel en eergerelateerd geweld in huiselijke kring en specifiek onder de
allochtone bevolking.
In concreto houdt dit in:
* Het thema huiselijk geweld bespreekbaar maken binnen allochtone kringen
* Versterken van de kennis en het zelfbewustzijn van allochtone vrouwen en
meisjes
* Ondersteunen en begeleiden van slachtoffers en hen een stem geven
* De waakzaamheid en toegankelijkheid van de reguliere hulpverlening voor
allochtone slachtoffers van huiselijk geweld vergroten
* Alert zijn op het overheidsbeleid en opkomen voor de belangen van allochtone
slachtoffers vooral van vrouwen en meisjes.
Bestuur
Het bestuur bestaat voor het grootste deel uit allochtone vrouwen: professionals
die allen met het onderwerp een band hebben. Op basis van vrijwilligheid
vervullen zij hun bestuursfunctie. De bestuursleden hebben allen hun individuele
netwerken en fungeren dikwijls als vertrouwenspersoon als er slachtoffers in
moeilijkheden zitten.
Het bestuur wordt ondersteund door een adviesgroep van betrokkenen die op
verzoek advies uitbrengen.
Stichting Kezban had eind 2006 6 bestuursleden.
Het vertrek in september 2006 van Cock Kerling, die zowel secretaris als
penningmeester was, liet zich gevoelen. In haar plaats werden een nieuwe
secretaris en een nieuwe penningmeester benoemd. Halverwege het jaar waarin een
ingewikkeld project in volle gang was, traden zij in functie. Dat vergde heel
wat inwerktijd, maar leidde toch tot een bevredigende invulling van beide
functies.
Twee bestuursleden zijn al kort na hun benoeming in 2006 afgetreden omdat zij
hun privéomstandigheden niet met een bestuursfunctie konden combineren.
In juli 2007 werd een bestuurslid aan het bestuur toegevoegd, zodat het bestuur
sindsdien uit 7 personen bestaat.
In de bijlage staan de bestuursleden met naam, functie en zittingsduur vermeld.
Organisatie en werkwijze
Het bestuur vergadert minstens eenmaal per maand met
uitzondering van de zomermaanden.
Het bestuur is een (uitvoerend) werkbestuur. De bestuursleden initieren zelf
alle activiteiten. Indien deze activiteiten door derden worden uitgevoerd, ligt
de coordinatie en begeleding in handen van het bestuur.
Voor specifieke werkzaamheden worden doorgaans deskundigen ingeschakeld. Zo is
voor het voorlichtingsproject aan de hand van de film “Als ik haar was” een
coördinator voorlichting benoemd. Voor voorlichtingsactiviteiten worden eveneens
professionals ingeschakeld.
Helaas is voor vaste professionele bestuursondersteuning geen voldoende budget.
Omdat Stichting Kezban een vrijwilligersorganisatie is en geen eigen kantoor
heeft, is het niet altijd mogelijk direct contact te leggen. Alle bestuursleden
hebben hun eigen werk. Maar als iemand contact zoekt, wordt er altijd zo snel
mogelijk gereageerd.
De vergaderingen vonden plaats in ruimten die al dan niet tegen (geringe)
vergoeding door verwante organisaties ter beschikking werden gesteld.
Vlak na afloop van het verslagjaar besloot het bestuur tot het huren van een
kleine ruimte voor opslag en archief. Dat betekent een relatieve verzwaring van
de vaste lasten, maar de voordelen zijn groot: geen gesleep meer met
documentatie, archiefstukken en materiaal.
Financiën
De inkomsten van Stichting Kezban bestaan
voornamelijk uit vaste donaties, incidentele giften en projectsubsidies.
Projectsubsidies omvatten nooit meer dan de voor het desbetreffende project
gemaakte kosten. Projectsubsidies hebben ook altijd een plafond.
Het is dan ook een kunst exact binnen het toegezegde projectbudget te blijven.
Omdat het voorlichtingsproject “Als ik haar was” zo’n enorm succes was en zo
goed aansloeg bij de doelgroep, besloot het bestuur om een beperkt deel van het
project voor eigen rekening te laten komen. Bovendien moest een deel van de
projectsubsidie worden voorgeschoten.
Dat verklaart waarom het resultaat over 2006 negatief was en het eigen vermogen
mede daarvoor moest worden aangesproken.
De kosten voor het bestuurswerk moeten worden gedekt uit de donaties en
eventuele toevallige inkomsten.
Om te kunnen voortbestaan is het noodzakelijk om steeds een relatief kleine
buffer aan te houden zodat er minstens één jaar financieel overbrugd kan worden.
Dat is immers ook minstens de tijd die nodig is voor het ontwikkelen en
voorbereiden van een nieuw project.
Het jaar 2007 was zo’n jaar van voorbereiding. Door het eigen vermogen (de
buffer) van 2006 konden wij ons daar zonder acute geldzorgen mee bezig houden.
Maatschappelijke steun
Stichting Kezban heeft de steun van andere
betrokkenen hard nodig. Het gaat daarbij natuurlijk om financiële steun, maar
dat niet alleen. Het gaat ook om het maatschappelijk draagvlak dat aan de
bestuursleden de moed en de kracht geeft om hun activiteiten voort te zetten.
Stichting Kezban ontvangt gelukkig regelmatig blijken van waardering. Zo geeft
het enorme voldoening als aan een hulpvraag of tegemoet gekomen kan worden. Als
een voorgedragen project gehonoreerd wordt met een financiële bijdrage van een
ministerie of een fonds, dan geeft dat nieuwe impulsen aan het enthousiasme van
de bestuursleden.
Niettemin, financiële steun blijft heel belangrijk.
De inkomsten van Stichting Kezban bestaan voor het overgrote deel uit donaties
en projectsubsidies.
Daarom zijn de donateurs van levensbelang voor het voortbestaan van Stichting
Kezban. Het past dan ook om hier onze bijzondere dank uit te spreken voor onze
donateurs. Zij dragen de stichting ideëel en materieel.
In dit verband is het aardig om enkele bijzondere donaties te vermelden: het
bruidspaar dat in plaats van cadeaus vroeg een bijdrage te storten op de
girorekening van Stichting Kezban; serviceclubs die Stichting Kezban als hun
goede doel aanwezen; ook een instelling die de nood inzake relationeel en
eergerelateerd kent, doneerde ruimhartig.
Dank gaat ook uit naar de vrijwilligers. In 2006 met name voor hen die zich
hebben ingezet voor de uitvoering van het voorlichtingsproject “Als ik haar
was”. Sommigen waren ook na afloop van het project nog actief.
Tenslotte past een woord van dank voor al diegenen die Stichting Kezban op
enigerlei wijze hebben geholpen bij de uitvoering van haar taak: het voorkomen
en bestrijden van relationeel een eergerelateerd geweld.
Projecten
Individueel advies, informatie, hulpverlening
Vanaf de oprichting wordt Stichting Kezban van diverse kanten gevraagd om
specifiek advies, informatie of hulp.
De laatste jaren is daarin echter wel enige verandering te ontdekken. Het
regeringsbeleid richt zich nu ook op het beleidsonderdeel huiselijk, relationeel
en eergerelateerd geweld. Het maatschappelijk klimaat verandert. Het onderwerp
wordt niet meer stelselmatig uit de weg gegaan, maar wordt steeds meer
bespreekbaar. Helaas niet overal.
Met de komst van de ASHG’s is de toegankelijkheid voor hulpvragers sterk
vergroot. Stichting Kezban juicht deze ontwikkeling toe. Het aantal (potentiële)
slachtoffers dat nu om hulp durft te vragen zal eveneens toenemen. Gebleken is
echter dat er nog steeds leemten zijn. Niet alle (potentiële) slachtoffers van
relationeel geweld kunnen terecht bij een reguliere instantie.
In dit jaarverslag wordt afgezien van het behandelen van hulpvragen. Het zou
toch gaan om herhaling van beschrijvingen of om zo specifieke gevallen dat
herkenbaarheid niet is uitgesloten.
Informatie en Advies
Stichting Kezban krijgt veel informatieverzoeken van
particulieren, instellingen en organisaties. Daarnaast wordt Stichting Kezban
regelmatig benaderd voor deelname aan interviews en onderzoeken, zowel door
professionele organisaties als door scholieren en studenten. Al deze verzoeken
komen binnen via de website, het mailadres en/of de informatietelefoon van
Stichting Kezban.
Ook professionele hulpverleners zoals bv de ASHG’s, hebben behoefte aan
specifieke informatie, advies of interventie. Professionele hulpverleners worden
geconfronteerd met hulpvragen waar zij geen antwoord op hebben. Zij komen dan
vaak uit bij Stichting Kezban.
Hulpverlening
Allochtone slachtoffers van eergerelateerd en/of
huiselijk geweld komen weten nog steeds in acute noodgevallen Stichting Kezban
te vinden. De stichting is echter geen hulpverlenende instelling maar tracht
door informatie, advies en eventueel verwijzing een brug te slaan tussen
hulpvragers en de reguliere hulpverlening. Daarbij maakt Stichting Kezban
gebruik van een klein netwerk van contactpersonen die (potentiële) slachtoffers
ondersteunen, doorverwijzen en indien nodig begeleiden. Zij spreken veelal de
taal van de hulpvragers en zijn in staat snel het vertrouwen te winnen.
Voorlichting
Om het taboe rondom eergerelateerd en huiselijk geweld te doorbreken.
heeft Stichting Kezban op verschillende manieren voorlichting gegeven.
Spraakmakend was het voorlichtingsproject “Als ik haar was”. Daarvoor beschikte
Stichting Kezban over een pool van daarvoor getrainde en deskundige
voorlichters. Hieronder gaan wij daar uitgebreider op in.
Aan de reguliere vraag om voorlichting te geven, een cursus te ontwikkelen of
een training te verzorgen aan andere groepen dan die met het
voorlichtingsproject werden beoogd, kon ook worden voldaan. Daarvoor werd een
beroep gedaan op door ons geselecteerde deskundigen.
Ook onder het begrip voorlichting vallen de bij Stichting Kezban verkrijgbare
films. De films worden vooral als methodiek gebruikt bij
voorlichtingsbijeenkomsten.
Voorlichtingsproject “Als ik haar was”
Het project, dat tot stand is gekomen met de
subsidie van het Oranje Fonds en het Ministerie van Justitie, directie
Coördinatie Integratiebeleid Minderheden, heeft nog het hele jaar geduurd en is
eind 2006 afgerond. In het jaarverslag 2005 van Stichting Kezban is de opzet van
het project uitvoerig beschreven. Op de website www.st-kezban.nl is bovendien
het gehele projectverslag te vinden. Vermeldenswaard op deze plek is de
slotconferentie die op 13 november 2006 werd gehouden. Het verslag staat
eveneens op de website. Het officiële eindverslag werd daar overhandigd aan de
contactpersoon bij het Oranje Fonds. Ook was er een publieksdebat over het thema
huiselijk geweld.
Ten tijde van de slotconferentie ging Stichting Kezban er van uit dat er goed
zicht was ontstaan op de inhoudelijke resultaten van het project. In de periode
na de slotconferentie vonden nóg een aantal bijeenkomsten plaats binnen het
project. In november en december 2006 zijn nog 18 voorlichtingsbijeenkomsten
gehouden door de voorlichters. Eén bijeenkomst die in december niet plaats kon
vinden is verschoven naar januari 2007.
Het bestuur heeft gemeend dat ook van deze bijeenkomsten een
verantwoordingsverslag moest komen. Dat is gebeurd in een aanvulling op het
eindverslag. Deze aanvulling staat eveneens op de website.
Het bovenstaande houdt in dat het totale bereik van het voorlichtingsproject
aanzienlijk groter is geweest dan in het officiële eindrapport staat vermeld. In
het officiële eindrapport stond dat het aantal bereikte deelnemers in totaal 665
was – de stand tot november 2006. Met de voorlichtingsbijeenkomsten die nog
volgden werd een totaal bereik van meer dan 1050 deelnemers gemeten.
Totaaloverzicht van het aantal bereikte deelnemers
| Nationaliteit + man/vrouw | Aantal |
| Turkse vrouwen | 242 |
| Turkse mannen | 71-76 |
| Turkse jongeren | 25 |
| Marokkaanse vrouwen | 350 |
| Marokkaanse mannen | 234 |
| Vrouwen gemengd | 109 |
| Mannen en vrouwen gemengd | 28 |
| Totaal | 1059/1064 |
Conclusies uit het project:
In het eindrapport is reeds duidelijk geworden dat de vrijwilligers
bergen werk verzet hebben en dat er grote behoefte is aan voorlichtingen.
In het project werd, weliswaar mondjesmaat, ook ondersteuning gegeven aan
subprojecten van zelforganisaties. Veel zelforganisaties hebben niet de kennis
en kunde in huis om een eigen plan voor voorlichtingsprojecten te maken en
subsidie aan te vragen. Dikwijls komen zij niet veel verder dan het uitspreken
van de wens één of enkele voorlichtingsbijeenkomsten te willen geven.
Het geven van een voorlichting vergt veel van een voorlichter die toch op
vrijwillige en in principe onbetaalde basis zou moeten kunnen werken. Een
gepaste vergoeding blijkt stimulerend te werken.
Het is gewenst dat onze pool van voorlichters in stand blijft en geïnformeerd
blijft. Stichting Kezban heeft naar mogelijkheden gezocht om daar vorm aan te
geven en blijft alert.
Tegelijkertijd kan worden vastgesteld dat de voorlichtingen tot nu toe kunnen
worden beschouwd als een druppel op een gloeiende plaat.
Het Oranjefonds ondersteunde het uitvoerende deel van het totale project met een
subsidie van € 150.000 in totaal (tweemaal € 75.000). Niet alle gemaakte kosten
konden daaruit worden gedekt. Stichting Kezban heeft een klein deel uit eigen
middelen moeten financieren, maar dat weegt ruimschoots op tegen de goede
resultaten die zijn bereikt met dit project.
Voorlichtingsfilms
Stichting Kezban heeft in voorgaande jaren zelf twee voorlichtingfilms
gemaakt, waar nog steeds veel vraag naar is. De titel van deze
voorlichtingsfilms is “Als ik haar was”. De films hebben de vorm van een
docudrama. De ene film is een Turkse versie, de andere een Arabische versie. Op
een aansprekende manier wordt in de films duidelijk gemaakt dat geweld iets is
dat vaker voorkomt dan men denkt en dat er een oplossing kan zijn voor
slachtoffers die in een uitzichtloze situatie verkeren.
Stichting “Hoezo terug in je mand” zocht halverwege 2006 contact met Stichting
Kezban. Eind december 2006 is overeenstemming bereikt over het overnemen van de
verfilming van een toneelstuk getiteld “Hou mijn hart vast”. De film is
sindsdien als voorlichtingsmethode bij Stichting Kezban verkrijgbaar.
Beleidsbeïnvloeding
Stichting Kezban heeft zowel direct als indirect contact met slachtoffers.
Daardoor heeft de stichting een goed beeld van de specifieke problemen die
allochtone slachtoffers ondervinden. Deze (ervarings-) gegevens worden niet
alleen gebruikt om de toegang tot de reguliere hulpverlening voor allochtone
slachtoffers te verbeteren, maar ook om het beleid van overheid en instellingen
te beïnvloeden.
Via deelname aan landelijke instellingen wordt de kennis en ervaring van
Stichting Kezban ingebracht bij activiteiten van anderen.
Stichting Kezban was in 2006 vertegenwoordigd in twee landelijke instellingen:
het Landelijk Platform Huiselijk Geweld en het Nationaal Platform Eerwraak.
Daarnaast maakte Stichting Kezban deel uit verschillende (werk)groepen:
de begeleidingscommissie Onderzoek ten behoeve van het filmproject “Huiselijk
Vrede”
de werkgroep Muddwana, inzake familierecht en achtergelaten vrouwen
het Interventieteam “Relationele druk en geweld” van Forum.
Fonds Kinderen Kezban
Na de dood en de begrafenis van hun moeder zijn de twee kinderen van Kezban in
Turkije gebleven en opgevangen door familie.
Omdat kinderen opvoeden geld kost, is er na de dood van Kezban een
geldinzameling gehouden. De gemeente Zwijndrecht heeft vervolgens een fonds
opgericht om de kinderen van Kezban financieel te ondersteunen bij hun studie en
dagelijkse leefsituatie.
Uit dat fonds werden uitkeringen gedaan ten behoeve van de kinderen.
Eind 2006 is op verzoek van de gemeente Zwijndrecht het restant van het bedrag
dat was verzameld in beheer overgedragen aan Stichting Kezban. Die heeft zich
verbonden om geheel belangeloos dat vermogen conform de bedoeling uit te voeren.
Eventuele kosten neemt Stichting Kezban voor haar rekening.
Bij de overname was al bekend dat de verblijfplaats van de kinderen onbekend
was. Daarom is Stichting Kezban daarnaar gaan zoeken, in Turkije en in
Nederland. Voor de zoektocht in Turkije zijn in 2007 ook enkele donaties
ontvangen. Na veel speurwerk langs allerlei instanties en met behulp van enkele
betrokkenen, bleken de kinderen weer naar Nederland te zijn verhuisd.
Er is contact tot stand gekomen en in 2007 zijn ook enkele uitkeringen gedaan.
PR
Eind januari 2006 bleek dat het Oranjefonds het voorlichtingsproject óók een
tweede jaar wilde ondersteunen. Ter gelegenheid daarvan is in februari 2006 een
persbericht uitgegeven.
De slotconferentie van het voorlichtingsproject “Als ik haar was” heeft in
november 2006 voor enige publiciteit gezorgd.
Stichting Kezban heeft in 2006 haar handen vol gehad aan dit project. De
gewenste overige publicitaire activiteiten zijn daardoor op een laag pitje
gebleven.
Website
De website werd in 2006 weer bijgehouden vanuit Finland door onze webmaster, die
dit werk op vrijwillige basis doet.
Nieuw project “Hallo Kezban”
Na 2006 heeft het bestuur heeft het bestuur zich afgevraagd of er ruimte was
voor een nieuw project.
Uit ervaringen van de voorlichtsters van Stichting Kezban, tijdens de
voorlichtingsbijeenkomsten, is gebleken dat bij vrouwen en meisjes die te maken
hebben met eergerelateerde problematiek de dringende behoefte bestaat om met
lotgenoten hierover in contact te komen.
Dit werd nog eens bevestigd door telefoontjes naar de informatietelefoon van
Stichting Kezban en contacten die Stichting Kezban heeft met scholen (ROC’s),
gemeenten en maatschappelijk werk.
Ook is er behoefte aan praktische informatie. De informatie die thans
beschikbaar is over dit thema is vooral gericht op hulpverleners en
intermediairs: voor de doelgroep zelf is er weinig tot geen toegankelijke
(praktische) informatie voorhanden.
Mede gezien deze ervaringen heeft Stichting Kezban in 2007 het projectvoorstel
“Hallo Kezban” ontwikkeld.
Het project is er op gericht om in samenwerking met vertegenwoordigers uit de
doelgroep een website te ontwikkelen, te lanceren en te onderhouden.
Deze website moet de potentiële slachtoffers van huiselijk geweld – meestal
vrouwen en meisjes - gelegenheid bieden anoniem met elkaar ervaringen uit te
wisselen, vragen te stellen en advies en informatie te krijgen. Uiteindelijk wil
het project bijdragen aan een afname van eergerelateerd geweld, inclusief
gedwongen huwelijken, achterlatingen, en beperking van de vrijheid van
partnerkeuze, in Nederland.
Stichting Kezban heeft voor dit project subsidieaanvragen ingediend. Deze
aanvragen werden eind 2007 gehonoreerd. Het project is inmiddels in de
opstartfase.
Bijlage
Personalia
Bestuurssamenstelling Stichting Kezban* (januari 2008)
mw. Latifa Lazaar, voorzitter
mw. Coby Katu-Bin-Mara, secretaris (sinds september 2006)
mw. Louwra de Groot, penningmeester (sinds september 2006)
mw. Nurdan Tatoglu
mw. Saniye Tezcan
mw. Nera Jerkovic
mw. Dursun Temizkan (sinds 1 juli 2007)
*In februari en september 2006 zijn respectievelijk afgetreden Saadet Metin en
Cock Kerling.
Saida Hajjaji en Faren Sallak hebben maar enkele maanden in het bestuur gezeten.
Coördinator voorlichtingsproject “Als ik haar was”
mw. Catharina Driesse
Webmaster
dhr. Lucien den Arend
Bereikbaarheidsgegevens Stichting Kezban
Postbus 198
5000 AD Tilburg
e-mail: info@st-kezban.nl
internet: www.st-kezban.nl
telefoon: 06 125 07 996
